- By stadseboerin 07:58 |
- |
- Comments(0)
Volg mijn nieuwtjes voortaan op http://twitter.com/stadseboerin
Volg mijn nieuwtjes voortaan op http://twitter.com/stadseboerin
Morgen, 23 april, is het precies drie jaar geleden dat ik bij Piet op de Eikemaheert kwam wonen. Het begin van een totaal nieuw bestaan dat – inderdaad! – alles op zijn kop zette. Een overweldigende geluk met de leukste en aardigste man ter wereld viel mij ten deel. Maar alle veranderingen, het vele bezoek, het huwelijk, het doorstarten van mijn bedrijf, familieaangelegenheden, het enorme huis dat vervuilde waar je bijstond, de vele activiteiten en vrijwilligerswerk in de buurt: alles bij elkaar was het leuk maar ook stressvol. En juist in die periode beleefde het log zijn hoogtijdagen en hielp het mij mijn indrukken te verwerken en er op lichtvoetige wijze mee om te gaan.
Nu in 2010, rijd ik nog altijd geen trekker, heb ik geen enkele aardappel gesorteerd en zeg ik nog steeds hooi als ik stro bedoel. Toch kan ik al beetje meedoen aan boerenpraatjes en daar heb ik soms nog lol aan ook! Ik zeem de ramen niet meer, maar gebruik de kopstubbe. Ik schil geen aardappels tussen de middag, maar kan wel in 20 minuten een maaltijd op tafel zetten. Ik weet dat wanneer de maatschap Pier-Jansen komt helpen rooien, alles op tijd gaat en ik brood in huis moet hebben. Ik ben getrouwd, wat voorheen onvoorstelbaar was, en ik heb een geit, waarvan ik bijna evenveel houd als van de hondjes.
Verder nog altijd zo stads als de neten. Ik draag alleen een ruitjesbloes voor de grap en ik scheur nog onbekommerd met mijn fiets door Amsterdam. Thee mag alleen daar vandaan komen en Mokum blijf ik verdedigen tegenover de plattelanders die er nooit zijn geweest, maar die desondanks weten dat er louter criminelen, verslaafden en grachtengordeldieren wonen. Ze moesten eens weten en wat jammer voor hen dat ze er niet eens heen gaan! Er is meer in de wereld te koop dan Groningen!
Doordat ik me langzaam maar zeker heb aangepast aan het leven hier kijk ik er niet meer zo onbevangen tegen aan. De dauwfrisse blik is weg. Het leven met Piet is allerminst saai, maar mijn observaties verflauwen en ik durf ook niet alles meer onbevangen op te schrijven. Dus: voordat de web echt sleets wordt, piep ik er tussen uit.
Ik wil graag iedereen bedanken die regelmatig of af en toe op bezoek kwam. Bedanken voor de aardige en persoonlijke reacties, de vele bemoedigingen, het begrip, de handreikingen, de correcties en vooral de hartelijkheid waarmee ik ben ontvangen in Loppersum en omgeving. Dat was hartverwarmend. De contacten blijven, daarvan ben ik overtuigd. Tot ziens iedereen, dan praten we weer verder!
Eigenlijk maakt het niet uit waar je bent als je schrijft. Of ik een interview nu uitwerk in Amsterdam, Lopepersum of Breda maakt geen snars uit. De werkelijkheid speelt zich totaal in mijn hoofd af. Ik zie beelden, kijk in mijn aantekeningen en ik type, terwijl de uren voorbijglijden zonder dat ik het merk en zonder dat ik let op mijn omgeving.
‘Hoe is het in Scandinavie?’ Dat vroeg een oud-collega me vandaag. Zal wel een grapje geweest zijn, maar ik heb dan toch ergens het gevoel dat men ons in de Randstad heeeeeel ver weg vindt zitten.
Ik was dus in Amsterdam en ik had vandaag de eer een crack te interviewen. Nu is een crack ook maar een mens, maar toch vind ik het interessant. Ik prijs me honderd procent gelukkig met zo’n beroep, al gaat het ook niet altijd over rozen. Vandaag zat het me mee. Ik had rekening gehouden met een moeizaam gesprek, maar dat was het allerminst. Een prettige meevaller.
Amsterdam bezag ik gisteren vanuit een restaurant in de Govert Flinckstraat – vamos a ver – en vandaag vanaf de Ringweg. In Vamos a Ver mocht ik mee-eten met een gezelschap, dat enorme pannen paella op tafel hadden staan. Mijn vriendin Y. was er de aanstichtster van (dat ik zomaar kon aanschuiven). Ik fietste erheen op mijn vouwfietsje, en wist nog feilloos de weg te vinden van de P&R op het Olympisch Stadion naar het restaurant. Het was nog licht, de Ferdinand Bol was nog altijd opgebroken voor de Noord-Zuidlijn (net zoals ik nog in Amsterdam woonde), en het deed me plezier die smalle straatjes weer te zien.Met Y. was het fijn om bij te praten sinds meer dan een jaar. Der contacten mogen minder frequent worden, dat maakt ze niet minder intensief of waardevol.
En nu ben ik bij mijn moeder. Ik had de sleutel meegenomen, want ze zou wel eens weg kunnen zijn. Dat was ook zo. Ik zette thee, smeerde twee boterhammen, zette de computer aan en toen hoorde ik de deur. Ik liep naar de hal, maar daar was niets te zien. Toen hoorde ik vanuit de woonkamer een verrast: ‘Heeeee’. Ik zag mijn moeders hoofd vol met krulspelden. ‘Waar kom jij nou vandaan?’, vroeg ik. ‘Ik zat onder de droogkap in de slaapkamer!’, zei ze. ‘Ik ben er al een halfuur’, zeg ik. Hadden we elkaar totaal niet opgemerkt op dat kleine flatje!!!
We dronken thee, en daarna ging mijn moeder naar een feestje. Dat vond ik erg leuk. Wat lekker dat zij zo haar gang gaat. Ik heb aan mijn interview gewerkt, heb lekkere gevulde pasta gehaald, sla en tomaatjes, perensorbet en een flesje wijn en belandde lekker weer achter de computer. Ook hier voel ik me helemaal thuis! Hoera!
Als ik lang niet schrijf, lijkt het zo saai. Dan weet ik niets meer te vertellen… Wat was er ook alweer gebeurd? Het is net als met mensen die je maar af en toe spreekt. Die heb je veel minder te vertellen over het algemeen dan hen die je dagelijks spreekt. Hoe vaker je uitwisselt, hoe meer elk detail aan belang wint.
Het is niet saai, het lijkt alleen maar zo. Hoewel ik veel achter de computer zit en ook weer regelmatig naar Amsterdam reis voor interviews, kom ik elke ochtend even in de tuin. Pluk wat esjesopslag weg, zaai wel eens een rijtje rucola of wat radijsje en ik zet Marie buiten aan haar touw.
We hebben onze voorkamer al behoorlijk ingewijd en wisten een prachtige tafel op de kop te tikken, waar je, als het moet, met veertien man aan kunt eten. Net iets voor ons, al vind ik veertien wel wat veel, hoor.
Ik vertrek zo, met de Peugeot naar Amsterdam, morgenochtend interview waar ik me wel op verkneukel, en dan door naar Breda. Werk mee, ik zie wel hoe het loopt allemaal.
Gisteravond hebben we een ver familielid van Piet bezocht, een dame van 90. Eerst aten we een frietje in Winsum, want we hadden al om half acht afgesproken, om de tuin te kunnen zien. De oud-oudtante hield de tuin helemaal zelf bij, vertelde ze. Nu al stond de tuin te schitteren met diverse bolgewasjes en helleborus in allerlei kleurschakeringen.
Vervolgens dronken we koffie en kletsten we wat. We zaten in een voorkamer van een grote boerderij. Tante bewoog zich snel en soepel door de kamer. De vijf ramen waren immens hoog – en schoon. "Wie wast er bij u de ramen?", vroeg ik. "Dat doe ik zelf", antwoordde tante. Oinkkk!
Ik weet wat een helse klus dat is. Zelf sta ik doodsangsten uit als ik buiten op mijn trapje sta met een stok en kopstubbe in de hand en later met de tuinslang. "Ja", ging tante verder, alsof ze mijn gedachten kon raden, "ik weet nog van mijn hulpen dat die het niet durfden. Ik zou misschien iemand moeten vragen het te doen, maar dan krijg je dat weer, dus doe ik het maar liever zelf."
Over kranigheid, dapperheid, lef en levenslust gesproken. Het is maar weinigen gegeven, maar mijn hart maakte er wel een vreugdesprongetje van. Misschien lukt het me ook….?
Piet mocht nog twee helleborussen uit de tuin uitsteken. Die heb ik vanochtend geplant, twee paarse. Ze staan nu achter mijn witte exemplaar, dat al druk bezocht wordt door hommels.
Een van mijn opdrachten is om voor Groninger Forum enkele voorbeeldverhalen te schrijven, voor de verhalenwedstrijd
‘De grens voorbij?’ Inmiddels heb ik al vijf wat oudere heren en een dame mogen interviewen. Verhalen van anderhalve generatie geleden zowat, mensen die de oorlog hebben meegemaakt, armoede, aan bombardementen zijn ontkomen, hun huis verloren, een Duitser in de bedstee kregen, trouwden ‘met de handschoen’… Ik vind het heel bijzonder om die verhalen te horen en te mogen opschrijven. Hierbij mijn oproep: wie zelf (jong of oud) een mooi ‘grensverhaal’ heeft, probeer het vooral op te schrijven en doe mee aan de verhalenwedstrijd. Je kunt ze inleveren tot september dit jaar!
Dat ik afgelopen zaterdag met Marian het Noaberpad ging lopen, van Nieuweschans naar Bellingwolde, was vanuit dit perspectief een extra leuk uitje. Hoe meer je over iets hoort, hoe interessanter het wordt. Ik vond het grensgebied echt het einde van de wereld. Zo weids kan het bijna nergens zijn. En het had prachtige rafelrandjes. Zoals het jachthaventje in Nieuweschans waar we koffie dronken. Een grote bende en anarchie, op het oog, maar wel erg gezellig, we raakten direct aan de klets daar. En later in Oudeschans opnieuw. Daar woonden veel niet-Groningers. Een stel uit Loenen aan de Vecht had er een oude boerderij zeer respectvol, met behoud van het authentieke, omgetoverd tot cafxc3xa9-hotel-gelagkamer. Inmiddels had Piet zich bij ons aangesloten. Aan de stamtafel in de rookkamer ontmoetten we onder meer een man met verstandelijk beperkte broer. De broers hadden een heel mooie verstandhouding met elkaar. Daar sprak zoveel liefde uit, dat we alle drie helemaal onder de indruk waren.
Dat Noaberpad gaan we vervolgen. Ik hoop binnenkort een heel weekend, want dan kunnen we Bourtange vast bereiken.
Brr
r, wat was het een guur weekend! Een harde wind maakte het herfstig. Toch trotseerden een paar honderd mensen zaterdag de kou om met kinderen of kleinkinderen twee boerderijen in ‘t Zandt op te zoeken. Bij de koeienboerderij stond ik achter de schuifdeuren. Elke keer als ik ze open deed om mensen binnen te laten, kwam er weer zo’n koude vleug naar binnen. Gelukkig leken de bezoekers het erg naar de zin te hebben, daar krijg je het weer een beetje warm van.
Vandaag is het zondag en moest ik nog een artikel schrijven en mijn interviews voor morgen voorbereiden. Daar zie ik soms erg tegenop, zo in het weekeinde. Maar ben ik eenmaal bezig, dan gaat het bijna als vanzelf. Dus is de dag toch wel op een goede manier voorbijgegaan, als denk ik met een beetje weemoed terug aan vorig weekeinde, toen we zo heerlijk in de tuin hebben gewerkt. Maar dat komt snel wel weer…
Het begint weer lekker druk te worden op de boerderij en op het tekstbureau. Behalve getimmer aan de kippenschuren – de kuikentjes die woensdag zijn gekomen, baden al scharrelend in echt daglicht! – betekent dat tuin omspitten, boompjes verplanten, snoeien, paardenmest opbrengen en veel takken en kastanjes afvoeren.
Zodoende ben ik vergeten te melden voor wie het nog niet weet: a.s. zaterdag van 13.00 tot 16.00 uur is de 2010-editie van Buurten bij boeren! De familie VanLeeuwen aan de Zijldijksterweg stelt haar melkveebedrijf open en de familieDuisterwinkel aan de Terhornseweg haar akkerbouwbedrijf. Toegang is gratis en er rijdt een busje tussen beide bedrijven.
xe2x80x9cBuurten bij boerenxe2x80x9d is eeninitiatief van LTO Noord afdeling Fivelingo, waarin boeren uit de gemeenteLoppersum verenigd zijn. Op deze openboerderijdagen en -avonden laten deagrarixc3xabrs belangstellenden zien wat er op hun bedrijven gebeurt. Elk jaar is ereen nieuwe editie van xe2x80x9cBuurten bij boerenxe2x80x9d, steeds in een ander dorp van de gemeente Loppersum.
Vorige week waren we opgetogen. Piet ontving de WOZ-beschikking en ik de mijne – die overigens de hondenbelasting bereft! Er zaten slechts maar drie acceptgiro’s bij.
Sinds ik hier woon verbaas ik mij er jaarlijks over hoe de gemeente Loppersum met de aanslag, die je in tien termijnen kunt betalen – tien acceptgiro’s meestuurt. In de bijgevoegde brief staan de termijnen waarop je die dan maandelijks betaald moet hebben. Dit jaar waren het er dus drie en er zat ook nog een machtigingskaart bij. Goed nieuws: want het is toch wel erg omslachtig om voor een paar tientjes tien acceptgiro’s te versturen, steeds vxc3xb3xc3xb3r de juiste datum.
Deze week arriveerde twee zware enveloppen van gemeentehuize. Een met alsnog tien acceptgiro’s voor Piet en tien voor mij. "De eerder drie ontvangen acceptgirokaarten kunt u vernietigen", schreef de heffingsambtenaar. "Ik wil u dringend verzoeken alleen deze acceptgirokaarten te gebruiken."
Dit lijkt me echt iets om op te gaan bezuinigen! Ik meen van bedrijven te begrijpen dat het verwerken van acceptgirokaarten nogal wat kost. Althans: je krijgt meestal korting als je niet meer op die manier betaalt. En als de gemeente ook nog een tweede brief moet zenden naar alle huishoudens en hondenbezitters, dan is zij volgens mij al snel weer 10.000 euro armer.
©2003 - 2012 Weblog.nl is onderdeel van Sanoma Media Netherlands groep.